Integraal verslag (BZ 2019) nr.2

Integraal verslag plenaire vergadering van 18 juli 2019

VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE DE RAAD ZITTING 2 INTEGRAAL VERSLAG Vergadering van donderdag 18 juli 2019 Namiddagvergadering INHOUD SAMENSTELLING VAN DE RAAD EN HET COLLEGE …………………………..3 BENOEMING VAN HET BUREAU …………………………..4 TOESPRAAK VAN DE VOORZITTER …………………………..8MEDEDELINGEN …………………………..9 DE VLAAMSE VOLKSVERTEGENWOORDIGERS VERKOZEN IN HET BHOOFDSTEDELIJK GEWEST …………………………..10 AANTAL EN SAMENSTELLING VAN DE COMMISSIES ) ………………………10 MOTIE VAN ORDE …………………………..10 VOORSTEL TOT WIJZIGING VAN HET R …………………………..12 REGELING VAN DE WERKZAAMHEDEN …………………………..14 2 MOTIE VAN ORDE …………………………..15 BESTUURSAKKOORD VAN HET COLLEGE Het akkoord van de Vlaamse Gemeenschapscommissie 2019-2024Toelichting door het College …………………………..16Spreker: Elke Van den Bran, collegevoorzitter REGELING VAN DE WERKZAAMHEDEN …………………………..19 BIJLAGEN …………………………..20 TREFWOORDENREGISTER …………………………..21 3 2de vergadering Vergadering van donderdag 18 juli 2019 NAMIDDAGVERGADERINGDe vergaderingwordt om Voorzitter: mevrouw Hilde Sabbe, oudste lid in jaren (De twee jongste aanwezige leden – de heer Juan Benjumea Moreno en de heer Gilles Verstraeten – zijn secretaris) SAMENSTELLING VAN DE RAAD EN HET COLLEGE De voorzitter: Bij brief van 18 juli 2019 deelt het Brussels Hoofdstedelijk Parlement het volgende mee ingevolge zijn plenaire vergadering van 18 juli 2019: Tijdens de plenaire zitting van donderdag 18 juli 2019werden mevrouw Elke Van den Brandt en de heer Sven Gatz Hoofdstedelijke Regering. Ze behoren tot de Nederlandse taalgroep. De heer Pascal Smet werd verkozen in de hoedanigheid van Staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Hij behoort tot de Nederlandse taalgroep. Zij hebben de grondwettelijke eed afgelegd. Mevrouw Soetkin Hoessen werd ge\357nstalleerd ter vervanging van mevrouw Elke Van den Brandt, minister in de Brusselse Hoofdstedelijke Regering. Als gevolg hiervan wijzigt de samenstelling van de Groen-fractie, zoals meegedeeld in de plenaire vergadering van 13 juni 2019. Met ingang van vandaag is de Groen-fractie samengesteld uit de volgende leden: de heer Juan Benjumea Moreno, mevrouw Soetkin Hoessen, mevrouw Lotte Stoops en de heer Arnaud Verstraete. De heer Joris Poschet, lid van de Nederlandse taalgroep neemt opnieuw zijn plaats als opvolger in overeenkomstig de volgorde van de lijst waarop hij werd verkozen. Bijgevolg is de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie als volgt samengesteld: voor Groen: de heer Juan Benjumea Moreno, mevrouw Soetkin Hoessen, mevrouw Lotte Stoops en de heer Arnaud Verstraete voor N-VA: mevrouw Cieltje Van Achter, de heer Mathias Vanden Borre en de heer Gilles Verstraeten voor Open Vld: mevrouw Carla Dejonghe, de heer Guy Vanhengel, mevrouw Khadija Zamouri 4 voor one.brussels-sp.a: de heer Fouad Ahidar, mevrouw Els Rochette, mevrouw Hilde Sabbe voor Vlaams Belang: de heer Dominiek Lootens-Stael voor CD&V: mevrouw Bianca Debaets voor PVDA: de heer Jan Busselen voor Agora: de heer Pepijn Kennis Het College is als volgt samengesteld: Mevrouw Elke Van den Brandt is collegevoorzitter en is bevoegd voor Begroting en Financiën, Welzijn, Gezondheid, Gezin, Stedelijk bSpeelpleinen, Patrimonium, Facilities, Investeringsbeleid, Media en Communicatie. De heer Sven Gatz is collegelid en is bevoegd voor Onderwijs, Scholenbouw en Personeel. De heer Pascal Smet is collegelid en is bevoegd voor Jeugd, Cultuur, Sport, Gemeenschapscentra, Muntpunt en Etnisch-culturele Minderheden. Het collegebesluit nr. 20182019-0755 houdende de bepaling van de bevoegdheden van de leden van het College wordt op de banken rondgedeeld. BENOEMING VAN HET (R.v.O., art.3) De voorzitter: Aan de orde is de benoeming van het Bureau. Overeenkomstig artikel 27 van de Bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen en artikelen 33 en 44 van de Bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, en conform artikel 3 van het Reglement van Orde, verkiest de Raad uit zijn leden een voorzitter, een ondervoorzitter en vijf secretarissen. Deze vormen het Bureau van de Raad. Overeenkomstig de evenredige vertegenwoordiging van de politieke fracties moet het Bureau als volgt worden samengesteld: Groen: 2 leden N-VA: 2 leden Open Vld: 2 leden one.brussels-sp.a: 1 lid Overeenkomstig artikel 3, 1 van het Reglement van Orde benoemt de Raad bij de opening van iedere zitting de voorzitter en de ondervoorzitter bij afzonderlijke stemming en de vijf secretarissen bij gezamenlijke stemming. Conform artikel 10, 3 van het Reglement van Orde worden de kandidaten benoemd verklaard indien hun aantal overeenstemt met het aantal te begeven plaatsen. De eerste benoeming waartoe moet worden overgegaan is die van de voorzitter van de Raad. 5 Mevrouw Els Rochette (one.brussels-sp.a): Ik draag de kandidatuur voor van de heer Fouad Ahidar voor het ambt van voorzitter van de Raad. De voorzitter: Aangezien er maar 1 kandidaat wordt voorgedragen, verklaar ik de heer Fouad Ahidar verkozen tot voorzitter van de Raad, conform artikel 10, 3 van het Reglement van Orde. Dames en heren, wij gaan over tot de benoeming van de ondervoorzitter. Bij brief van 17 juli 2019 draagt fractievoorzitter Mathias Vanden Borre namens de N-VA-fractie de kandidatuur voor van mevrouw Cieltje Van Achter voor het van de Raad. Bij brief van 18 juli 2019 draagt fractievoorzitter Arnaud Verstraete namens de Groen-fractie de kandidatuur voor van mevrouw Soetkin Hoessen Raad. De voorzitter: Aangezien er twee kandidaten worden voorgedragen, nodig ik de raadsleden uit om over te gaan tot de verkiezing van de ondervoorzitter van de Raad bij geheime stemming, conform artikel 10, 4 van het Reglement van Orde. De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): Ik stel voor dat we in deze het Reglement van Orde volgen. Het Reglement is daarin zeer duidelijk. Dat wil zeggen, zoals daarnet werd voorgelezen, dat alle door de Raad te verrichten benoemingen en voordrachten betreffende de samenstelling van het Bureau en de Commissies geschieden overeenkomstig de evenredige vertegenwoordiging van de erkende politieke fracties. Het is duidelijk dat de N-VA bij de laatste stembusgang verkozen is als tweede grootste partij in Brussel. Als we het systeem D’Hondt correct toepassen op de verdeling van het Bureau komt deze functie dan ook toe aan de N-VA. Het is meer dan terecht om het Reglement in deze correct toe te passen en ik begrijp bijgevolg niet waarom Groen voor deze functie kandideert. Ik zou willen toevoegen wat wij willen zien in de functie van het ondervoorzitterschap van deze Raad. Namelijk de beslissing die in het Bureau is genomen op 12 september 2018, namelijk de ondersteuning die gepaard gaat met het voorzitterschap en het ondervoorzitterschap van deze Raad. Toen heeft mevrouw Cieltje Van Achter reeds aangegeven dat de ondersteuning die wordt gegeven aan deze functies, met name 2 VTE voor de voorzitter en 1 VTE voor de ondervoorzitter niet in verhouding staan met deze functies en het werk dat gepaard gaat met deze functies. Deze zouden in vergelijking moeten gebracht worden met de situatie in het Vlaams Parlement. Er is toen gezegd, we gaan dat bekijken wanneer samengesteld en we zullen het effectief evalueren. We blijven bij die positie en we stellen voor dat we deze functies naar waarde schatten. Bij de functie van voorzitter willen we 1 VTE toekennen en bij de functie van ondervoorzitter die VTE schrappen. Iedereen moet de realiteit naleven. De rationalisering van de functies, ook voor de volksvertegenwoordigers is een feit. Hetgeen Groen voorstelt, is, ik herhaal het, tegen het Reglement en twee, ik zou graag hun positie willen horen voor wat betreft de ondersteuning van de functies, aangezien het duidelijk is dat we allemaal moeten kijken hoe we onze eigen werking kunnen optimaliseren en hoe we onze middelen kunnen rationaliseren. De heer Arnaud Verstraete (Groen): Natuurlijk houden wij er bij Groen aan om het Reglement na te leven. Dat is dan ook wat wij doen. Hier wordt een interpretatie voorgesteld van het Reglement die niet klopt en zelfs als we die interpretatie van het Reglement zouden 6 volgen, zou bij toepassing van het systeem D’Hondt, de functie van ondervoorzitter toekomen aan Groen. Voor het eerste punt: de lezing van het Reglement klopt niet. Het Reglement zegt inderdaad dat het Bureau evenredig moet samengesteld worden volgens de verkiezingsuitslag en dat is gebeurd. Het Reglement preciseert niets over de functies en ik wijs er ook op dat in het Vlaams Parlement, waarmee vaak vergeleken wordt, Het maakt deel uit van de onderhandelingen. De interpretatie van het Reglement klopt niet. Het tweede is, dat als je vaststelt dat het voorzitterschap toekomt aan one.brussels-sp.a, het logisch is dat volgens de toepassing van het systeem D’Hondt het ondervoorzitterschap toekomt aan de grootste partij, namelijk Groen. Zelfs al mocht uw interpretatie van het Reglement kloppen, dan nog is het correct dat de functie aan Groen toekomt. Maar uw interpretatie klopt niet, dus onze toepassing van het Reglement is helemaal correct en wij houden natuurlijk onze kandidatuur aan. De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): Dit getuigt uiteraard van weinig politieke ethiek. Als we zien hoe het Reglement wordt ge\357nterpreteerd door Groen, in tegenstrijd tot alle andere parlementen in dit land, hoe het bewust op een hoopje wordt gegooid wat de meerderheid betreft en de oppositie. Dit is een fundamenteel verschil. N-VA is de grootste oppositiepartij en de tweede grootste partij in de Raad. Dus als je het systeem D’Hondt correct toepast is er wel degelijk een verschil tussen de meerderheid en dan kan de meerderheid binnen zijn verkozenen beslissen wie zij aanduidt als voorzitter of ondervoorzitter en wie niet, dat is een zaak van de meerderheid. Dat heeft niet tot gevolg dat die beslissing van toepassing is op de oppositie. Jullie moeten toch onze functies niet gaan verdelen? De heer Arnaud Verstraete (Groen): Het Reglement voorziet niet dat de oppositie in functies moet zitten, dat staat er niet in. De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): Ik stel vast dat Groen bij de vorige regeerperiode de groene moraalridder heeft gespeeld wat betreft de eerlijke ethieke vertegenwoordiging van functies en postjespakkerij etc. en dat we nog geen dag verder zijn en de PS-cultuur is ingezet. Ze gaan terug postjes verdelen onder de meerderheid en zeggen: “Tja, de oppositie, dat is niet ons probleem”. Dat is niet correct. De heer Arnaud Verstraete (Groen): Ik denk dat we kunnen afsluiten met deze komische noot. Wij gaan het Reglement naleven. Wij doen dat correct. Er is niets dat voorziet dat de oppositie functies moet krijgen. Ik stel vast dat er een grote ambitie is om functies te bemachtigen, maar dat is helaas niet zo voorzien in het Reglement, dus ik stel voor dat we overgaan tot de stemming. De heer Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang): Dank u mijnheer Verstraete dat ik ook nog een woordje mag zeggen. Nog van in de tijd toen mijn partij Vlaams Blok heette, had ik de goede gewoonte om een kandidatuur in te dienen in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement en ook in deze Raad voor het voorzitterschap. Ik ging niet voor het ondervoorzitterschap, ik ging meteen voor het voorzitterschap, en waarom? Collegelid Sven Gatz: Met weinig succes. 7 De heer Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang): Waarom? Omdat ik van oordeel ben dat het democratisch gehalte en een correcte manier van werken van een dergelijke Raad alleen maar kan gebaat zijn wanneer iemand van de oppositie het voorzitterschap van de Raad waarneemt. Dat kan alleen maar de transparante open werking van de Raad ten goede komen. Vandaar dat ik de gedachte, los van wat er in het Reglement staat, dat iemand van de oppositie voorzitter dan wel ondervoorzitter zou zijn van deze Raad, sterk genegen ben en het voorstel van de N-VA in deze zal steunen. Ik hoop dat er in hoofde van de mensen van de meerderheidspartijen een zekere openheid is wat dat betreft en een zekere reflex is van nieuwe politieke cultuur, collega’s van Groen, om naar de toekomst toe inderdaad ook de oppositie op een correcte manier of een meer correcte manier dan in het verleden te betrekken bij de werking van de Raad. De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): Ik zou nog even willen repliceren op het punt dat ik in het begin heb aangehaald waarop ik nog geen antwoord heb gekregen van de heer Arnaud Verstraete. Dat betreft de ondersteuning die gepaard gaat met deze functie. Vorige regeerperiode zaten we duidelijk op een lijn met Groen wat dat betreft. We hadden duidelijke afspraken: “We gaan daar iets aan doen, dat is overdreven, we gaan dat rationaliseren.” Ik zou dan nu graag eens willen horen of we effectief puntje bij paaltje zetten of gaan we verder doen zoals we altijd al hebben gedaan? De heer Arnaud Verstraete (Groen): Groen verandert op dat vlak niet van standpunt, maar ik stel voor dat we dat op de correcte manier doen, namelijk dat dit eerst geagendeerd wordt op het Bureau en dat we, als we een voorstel hebben uitgewerkt, liefst gemeenschappelijk met oppositie en meerderheid, dat naar de Raad brengen, op de agenda zetten en desgevallend gestemd kan worden. Maar ik denk dat dat vandaag niet aan de orde is op de agenda. De voorzitter: Dat staat niet op de agenda, dus ik stel voor dat we overgaan tot de geheime stemming. De stembrieven worden rondgedeeld. U wordt verzocht om bij naamafroeping uw stembiljet in de urne te deponeren. De secretarissen, de heren Juan Benjumea Moreno en Gilles Verstraeten, tellen de stemmen. We schorsen de vergadering tot na de telling van de stemmen. – De vergadering wordt geschorst om 16.55 uur. – De vergadering wordt hervat om 16.57 uur. De voorzitter: Ziehier het resultaat van de stemming: – 1 Blanco – 4 stemmen voor mevrouw Cieltje Van Achter – 11 stemmen voor mevrouw Soetkin Hoessen 16 raadsleden namen deel aan de stemming: Juan Benjumea Moreno, Jan Busselen, Bianca Debaets, Carla Dejonghe, Soetkin Hoessen Pepijn Kennis, Dominiek Lootens-Stael Els Rochette, Hilde Sabbe, Lotte Stoops, Cieltje Van Achter, Mathias Vanden Borre, Guy Vanhengel, Arnaud Verstraete, Gilles Verstraeten, Fouad Ahidar 8 Ik verklaar bijgevolg essen benoemd tot ondervoorzitter van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie. We gaan vervolgens over tot de gezamenlijke benoeming van vijf secretarissen. Namens de Groen-fractie draagt fractievoorzitter Arnaud Verstraete schriftelijk de kandidatuur voor van mevrouw Lotte Stoops voor het ambt van secretaris van het Bureau. Namens de N-VA-fractie draagt fractievoorzitter Mathias Vanden Borre schriftelijk de kandidatuur voor van mevrouw Cieltje Van Achter en van secretaris van het Bureau. Namens de Open Vld-fractie worden de heer Guy Vanhengel en mevrouw Carla Dejonghe schriftelijk voorgedragen voor het ambt van secretaris van het Bureau. Gezien het aantal voorgedragen kandidaten gelijk is aan het aantal te begeven ambten, verklaar ik benoemd tot secretaris: Mevrouw Cieltje Van Achter De heer Guy Vanhengel Mevrouw Lotte Stoops De heer Gilles Verstraeten Mevrouw Carla Dejonghe Het Bureau van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie is aldus samengesteld. Ik nodig de voorzitter uit de verdere werkzaamheden te leiden. Voorzitter: de heer Fouad Ahidar TOESPRAAK VAN DE VOORZITTER De voorzitter: Om te beginnen wil ik u graag allen van harte feliciteren met uw mandaat als Brussels parlementslid en raadslid in de Vlaamse Gemeenschapscommissie, alsook onze aanwezige collega’s van het Vlaams Parlement. Ik ben ervan overtuigd dat u de komende legislatuur het beste van uzelf zal geven om het Brussel van vandaag gestalte te geven en het Brussel van morgen voor te bereiden. Van mijn kant kan ik u beloven dat ik hetzelfde zal doen. Maar sta me toe u eerst en vooral te bedanken voor het vertrouwen dat u mij geeft om de functie van voorzitter van de Raad op te nemen. Ik neem deze nieuwe taak op met de gedrevenheid die me eigen is en in het belang van alle Brusselaars. Ik ben de zesde voorzitter van de Raad in het 30-jarig bestaan van de instelling. Mijn voorgangers hebben de weg voorbereid. Samen met de 55 andere raadsleden die de hoofdrol speelden in de afgelopen 30 jaar, hebben zij de Raad helpen uitgroeien van een bescheiden speler op het terrein tot een zelfbewuste en onontbeerlijke Brusselse partner. We mogen fier zijn op wat we hebben bereikt met de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Raad en College legden een parcours af met een mooi resultaat. 9 Natuurlijk is het werk niet af. De Brusselse samenleving is voortdurend in beweging. Nieuwe uitdagingen dienen zich aan en bestaande gevoeligheden zijn soms gebaat met een gewijzigde aanpak. De Brusselse Nederlandstalige dienstverlening op het vlak van welzijn, onderwijs en cultuur is van een uitzonderlijke kwaliteit. Het is aan ons om dat kwaliteitsniveau te behoud Met andere bestuursniveaus proberen we evidente bruggen te slaan met als doel de Nederlandstalige dienstverlening in Brussel te maximaliseren. De Raad heeft echter nog een tweede belangrijke opdracht. Met educatieve programma’s voor kinderen, scholieren en hogeschoolstudenten en een op maat gesneden inhoudelijk aanbod voor volwassenen, proberen we uit te dragen dat de politiek stevig verweven zit de leefwereld van elke dag en deel uitmaakt van alle aspecten van het leven. Beetje bij beetje proberen we de afstand te verkleinen. De bloemen zijn hiermee uitgedeeld, nu volgen de potten. (Gelach) Waarde collega’s, als voorzitter van de Raad heb ik ook een arbitragetaak. Ik dien te waken over de correcte toepassing van het Reglement en dien met strenge, maar rechtvaardige hand de vergaderingen in goede banen te leiden. De lat ligt gelijk voor de Raad en het College, voor de meerderheid en de oppositie. Samen met de griffie zal ik daar zorgvuldig over waken. Ik dank u voor uw aandacht. MEDEDELINGEN De voorzitter: Bij brief van 11 juni 2019 meldt de CD&V-fractie dat de fractie uit 1 lid bestaat, mevrouw Bianca Debaets. Mevrouw Bianca Debaets zal het fractievoorzitterschap waarnemen. Bij brief deelt de voorzitter van het Waals Parlement mee dat de vergadering zich ter zitting van 11 juni 2019 heeft geconstitueerd. Bij brief deelt de voorzitter van het Vlaams Parlement mee dat het Vlaams Parlement zich ter vergadering van 18 juni 2019 heeft geconstitueerd. Bij brief deelt de voorzitter van het Parlement van de Franse Gemeenschap mee dat het Parlement van de Franse Gemeenschap zich ter vergadering van 19 juni 2019 heeft geconstitueerd. Bij brief deelt de voorzitter van de Kamer van volksvertegenwoordigers mee dat de Kamer van volksvertegenwoordigers ter vergadering van 27 juni 2019 voor wettig en voltallig is verklaard. Bij brief van 18 juli 2019 meldt de Open Vld-fractie dat de fractie is samengesteld uit 3 leden: de heer , mevrouw Carla Dejonghe en mevrouw Khadija Zamouri. Mevrouw Khadija Zamouri is aangeduid als fractievoorzitter. 10 DE VLAAMSE VOLKSVERTEGENWOORDIGERS VERKOZEN IN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST De voorzitter: Bij brief van 16 juli 2019 meldt het Vlaams Parlement dat de volgende Vlaamse parlementsleden verkozen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de grondwettelijke eed aflegden: voor Groen: de heer Stijn Bex mevrouw Celia Groothedde voor N-VA: de heer Karl Vanlouwe mevrouw Annabel Tavernier voor Open Vld: mevrouw Els Ampe voor sp.a: mevrouw Hannelore Goeman Conform artikel 68 van het Reglement van Orde van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie worden de Vlaamse volksvertegenwoordigers verkozen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest uitgenodigd als permanent waarnemer voor de plenaire vergaderingen en de commissievergaderingen. AANTAL EN SAMENSTELLING VAN DE COMMISSIES De voorzitter: In overleg met de fractievoorzitters zal het Uitgebreid Bureau een voorstel doen met betrekking tot het aantal, de samenstelling, de bevoegdheid en benaming van de commissies overeenkomstig artikel 12, 1 van het Reglement van Orde. MOTIE VAN ORDE (R.v.O., art. 30, 1, h) en art. 30, 2) De voorzitter: Voor de behandeling van het voorstel tot wijziging van het Reglement is er een motie van orde conform artikel 30, 1 h) en 2 van het Reglement van Orde. Het voorstel tot spoedbehandeling in plenaire vergadering is ontvankelijk, conform artikel 30, 4 van het Reglement van Orde. Ik stel voor dat 1 spreker per fractie het woord voert met elk een maximum spreektijd van 3 minuten. (Instemming) De heer Arnaud Verstraete (Groen): Wij hebben met de collega’s deze wijziging van het Reglement voorgesteld omdat we mogelijk willen maken dat er een echte gemeenschappelijke zitting vandaag kan doorgaan en daarom is het dringend te behandelen. Voor ons is het belangrijk dat we met de VGC en als Nederlandstaligen in Brussel trots zijn op onze identiteit, trots zijn op onze taal en dat we vanuit die trots ook open staan voor de dialoog met de anderen en dat we vandaag symbolisch naar elkaar gaan luisteren over die gemeenschappen heen. Ons voorstel is om dat mogelijk te maken, om het reglementair toe te laten dat de voorzitter niet-VGC-raadsleden kan toelaten tot de zitting waardoor het mogelijk wordt dat we straks naar elkaars beleidsverklaring kunnen luisteren, van de VGC en van de Cocof. Wij hopen op een brede steun daarvoor. 11 De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): Ik hoor 2 goede zaken in het betoog van de heer Arnaud Verstraete: dialoog en trots zijn op de Vlaamse identiteit in Brussel. Tot daar ben ik het volledig met hem eens. Maar als ik kijk naar waar het eigenlijk over gaat, de reglementswijziging die de heer Verstraete wilt implementeren, die het mogelijk zou maken dat onder speciale omstandigheden mensen, buiten leden van de Raad, toegang krijgen tot de vergaderzaal, waarbij ze een speciale machtiging van de voorzitter krijgen… Dat is letterlijk de passage die zou worden ingevoerd in het Reglement, wat op zich niet echt onbegrijpelijk is. Ik heb daar geen fundamenteel bezwaar tegen, als die passage ook gebruikt wordt waarvoor ze bedoeld is. Dat ze natuurlijk, als er iemand exclusief of om bijzondere redenen, een goeie reden, wil toegelaten worden tot de raadszaal, dan kunnen we eventueel beslissen om daartoe het Reglement te wijzigen. Maar is het nu nodig om dat er met spoed door te duwen? Puur om de reden dat we straks allemaal moeten samenzitten in het Brussels Hoofdstedelijk Parlement. Dat is een misbruik, een oneigenlijk gebruik van de toepassing van deze artikelwijziging. Dat zegt dit artikel helemaal niet. Wat de heer Arnaud Verstraete straks voor ogen heeft, om allemaal samen te zitten in het Brussels halfrond, staat helemaal niet in het artikel. Ik denk dat dat helemaal niet hoort onder die artikelswijziging en daar ben ik fundamenteel tegen. Ten eerste tegen de spoedvereiste. Ik wil gerust in alle openheid het debat aangaan over hoe we het Reglement kunnen wijzigen of verbeteren, maar niet om er oneigenlijk gebruik van te maken. De heer Arnaud zeker te wensen overlaat. Om dat nu 2 keer te doen op de openingszitting, dat laat toch te wensen over. De hee-Stael (Vlaams Belang): Is er ineens een debat ten gronde of eerst een debat over de spoedprocedure. De voorzitter: Eerst een debat over de spoedprocedure. De heer Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang): Als het alleen over de spoedprocedure gaat, dan zou ik zeggen, mijnheer Verstraete, dat wij al meer dan 30 jaar trots zijn op onze identiteit en op onze Vlaamse eigenheid hier in Brussel en dat verloopt al 30 jaar prima zoals het altijd heeft verlopen, zonder dat we het Reglement hebben moeten wijzigen. Wij moeten dat ook allemaal niet doen om te weten wat de Franstaligen denken. Als wij dat willen weten dan kunnen wij het verslag lezen. Indien u dat wil veranderd zien, dan zie ik niet in waarom dat dringend zou zijn. U kan dat agenderen en wij kunnen in 2024 de zaken misschien op een andere manier aanpakken, maar ik zie absoluut niet in waarom dat hoogdringend en spoedig veranderd zou moeten worden om dat nu al mogelijk te kunnen maken. Wij hebben daar allemaal tijd voor als dat dan toch zou moeten gebeuren. Quod non, wat mij betreft. Maar daar komen we straks op terug. Wat de spoedprocedure betreft, neen dank u. Mevrouw Els Rochette (one.brussels-sp.a): Wij zijn helemaal voor die spoedprocedure. Nu 5 jaar wachten, is 5 jaar verloren laten gaan. Het is symbolisch. We kunnen inderdaad elkaars regeerverklaring lezen, maar het is veel interessanter om naar elkaar te luisteren als ik hoor dat er geen fundamenteel bezwaar is bij die artikelwijziging. Een argument dat ‘het al 30 jaar zo is’, is een argument dat mij niet kan overtuigen. De voorzitter: Aan de orde is de stemming over de motie van orde met verzoek tot spoedbehandeling. 12 Stemming De motie van orde met verzoek tot spoedbehandeling wordt aangenomen met 11 stemmen tegen 4, 2 leden hebben zich onthouden. Hebben ja gestemdSoetkin Hoessen, Els Rochette, Hilde Sabbe, Lotte Stoops, Guy Vanhengel, Arnaud Verstraete, Khadija Zamouri Hebben neen gestemd: Dominiek Lootens-Stael, Cieltje Van Achter, Mathias Vanden Borre, Gilles Verstraeten Hebben zich onthouden: Bianca Debaets, Pepijn Kennis De voorzitter: Onderhavig voorstel tot wijziging van artikel 40, 2 van het Reglement van Orde wordt verwezen naar de plenaire vergadering van vandaag. – Het incident is gesloten. VOORSTEL TOT WIJZIGING VAN HET van artikel 40, 2 van het Reglement van Orde van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie – Nr. 1 Bespreking De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): Wat de inhoud van het voorstel betreft, moeten we toch eens nadenken waarom we zo een bepaling nodig hebben, waarvoor we ze specifiek gaan gebruiken. Ik herhaal, de plannen van de nieuwe meerderheid om deze bepaling zo te gebruiken, zijn in mijn ogen een oneigenlijk gebruik van het Reglement. Dat is niet waarvoor een Reglement bedoeld is en om op de eerste zitting meteen te misbruiken. Als we in dialoog zouden gaan of willen gaan met andere parlementen, waarvoor zeker iets te zeggen is, waar ik absoluut wel begrip voor kan opbrengen, moeten we kijken naar wat het Reglement daarover zegt. Dan moeten we kijken naar hoofdstuk 3, hoe de samenwerking met de Vlaamse vertegenwoordigers verkozen in het Brussels hoofdstedelijk gewest is geregeld. Dan zien we dat daar heel wat meer bij komt kijken dan de voorzitter die zo maar eventjes beslist om de raadszaal open te stellen voor andere mensen. Dat is natuurlijk een hele omstandigheid die daarmee gepaard gaat. Wat gaat er gebeuren met de notulen, het verslag? Wat met spreekrecht? Wat als er opmerkingen komen? Wat als er niet geluisterd wordt? Wat als er rumoer is? Er is toch een zeker kader nodig als we de plannen van de meerderheid zomaar willen realiseren, niet met het oneigenlijk gebruik van het Reglement. Nogmaals, dit is de tweede keer op een agenda. Dat is ongehoord. Goed bestuur is ver te zoeken. De heer Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang): Ten eerste, vind ik dat niet wenselijk omdat we daarmee verwarring in de hand werkenBrussel al niet evident om wegwijs te geraken in het kluwen van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement, Verenigde Vergadering van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, Cocof – ofte Parlement francophone de Bruxelles; dat is hetzelfde, maar voor de mensen gaat men 2 benamingen dooreen gebruiken – dan hebben we nog de Vlaamse Gemeenschapscommissie en wanneer na 30 jaar de mensen stilaan hun weg daarin beginnen te 13 vinden, gaan wij zeggen: “weet je wat, we gaan en al die verklaringen dooreen laten lopen”. Ik denk dat dat eerder krankjorum is dan wel een verstandige en juiste politieke keuze. Ten tweede, als het de bedoeling is dat we naar mekaar luisteren, dan vraag ik mij af of wij het debat van de Cocof gaan volgen zaterdag en of zij ook met plezier naar mijn uiteenzetting zullen komen luisteren met betrekking tot het bestuursakkoord. (Rumoer) Als dat de bedoeling is, dan moet men de lijn consequent doortrekken. Alle gekheid op een stokje, u spreekt over de identiteit, het verdedigen en het uitdragen van de Vlaamse identiteit in Brussel, alle lof daarvoor, maar dan moeten we dat ook in de praktijk doen. En dan moeten we ook de identiteit van onze instelling durven naar voren schuiven in plaats van ze ter gelegenheid van een beleidsverklaring – toch wel een bijzonder belangrijk moment – te gaan wegmoffelen. Ik denk trouwens dat heel dit verhaal kadert in het onderuithalen van de Gemeenschappen, in het creëren van ehet Bestuursakkoord dat we daarnet hebben gekregen, naar voor komt. De Vlaamse Gemeenschap moet terzijde worden geschoven en moet zo veel mogelijk ge\357ncorporeerd worden in het gewestelijk geheel. Ik denk dat deze operatie daar deel van uitmaakt. Een soort van poppentheater, waarbij – als ik het goed begrijp – de Cocof, de Franstaligen vooraan zitten en wij achteraan in de zaal en dan moet er een soort stoelendans plaatsvinden waarbij de Nederlandstaligen vooraan gaan zitten en de Franstaligen achteraan. Ik hoop dat men met de vlaggen gaat jongleren en ter gelegener tijd de juiste vlag naast het spreekgestoelte gaat zetten. Waar zijn we toch allemaal mee bezig. Tot slot, een laatste bedenking. Ik denk dat heel deze operatie in feite in strijd is met de geest van de Grondwet die al dat soort operaties niet voorziet. Die heeft voorzien dat er onderscheiden instellingen bestaan, los van mekaar. Betekent dat dat we niet naar mekaar moeten luisteren en dat we niet moeten weten wat er op een ander gebeurt? Uiteraard niet, maar daarvoor zijn er verslagen, daarvoor kan je de zittingen ook gaan bijwonen als dat past en als de gelegenheid zich voordoet. Daarvoor moeten we nog niet alle assemblees op een hoopje gooien, want dan zou men evengoed de leden van de Senaat naar hier kunnen halen, de leden van de Kamer van volksvertegenwoordigers en ook de regeerverklaring van deze hier laten voorlezen ofwel allemaal naar daar gaan als de Regering daar klaar is. Waar zijn we in hemelsnaam mee bezig? Voor mij kan dit niet. Dit is politiek onverantwoord. Dit zorgt voor verwarring. Dit is ongepast zelfs. Mevrouw Bianca Debaets (CD&V): Ik ben ervan overtuigd dat een toenadering tussen Gemeenschappen, taalgemeenschappen, taalgroepen in Brussel zeker belangrijk en noodzakelijk is, ook op politiek niveau. Alleen kan dat natuurlijk al. Het staat iedereen vrij, zittingen zijn publiekelijk toegankelijk, zittingen bij te wonen. Ten tweede zijn hier in dit assemblee, een vorige spreker heeft er al naar verwezen, met verkozenen in het Vlaams Parlement al eerder ontmoetingen geweest, maar binnen een bepaald kader, binnen afspraken en goed voorbereid. Als we dat zouden doen, moet dat denk ik binnen eenzelfde logica en kan het niet de bedoeling zijn om inderdaad daar een eerste d\351marche van te maken in het kader van een ‘vergewestelijken’ van Gemeenschapsbevoegdheden of erger nog, om afbreuk te doen, zeg maar het ‘downkneden’ van de eigen instelling. Daarvoor hecht ik net iets te veel belang aan dit assemblee. Als het dat zou zijn. Het is mij onduidelijk. Ik luister 14 graag, maar met die 2 bezorgdheden indachtig, zal ik mij ook bij de stemming en de verdere bespreking onthouden. De heer Arnaud Verstraete (Groen): Ik merk dat er wel steun is voor het principe van luisteren naaat is in elk geval positief. Ik voel twijfels en ongemak over de mogelijke gevolgen en de mogelijke dingen die niet in het voorstel staan. Wat staat er wel letterlijk in: “dat we de mogelijkheid voorzien voor de voorzitter van de Raad om mensen toe te laten tot de zitting zodanig dat die kunnen luisteren”. Dat is het enige. Het gaat zelfs nog niet over een dialoog. (Tumult) Het voorstel is dat die kunnen toegelaten worden tot de zitting van de Raad zelf en dus niet alleen in het publiek moeten zitten. Dat is de enige nuance die hier wordt toegevoegd. Volgens ons is dat een positief symbolisch voorstel en wij willen het graag ter stemming voorleggen. De heer Guy Vanhengel (Open Vld): ik denk dat men er allemaal te veel achter zoekt. De enige moeilijkheid die men heeft trachten op te lossen, is de bedoeling mekaar toe te laten mekaars beleidsverklaringen te aanhoren, die normaal gezien gelijktijdig verlopen. Je kan niet hier zitten en bij de anderen gaan luisteren en omgekeerd. De bedoeling was van toe te laten dat met deze regeling iedereen, de Nederlandstaligen bij de Franstaligen, de Franstaligen bij de Nederlandstaligen, de wederzijdse beleidsverklaring zouden kunnen horen. Niet meer of niet minder. Vermits dat iedereen zegt dat dat moet mogelijk zijn, lijkt dit mij de redelijke oplossing. Stemming Het voorstel tot wijziging van artikel 40, 2 van 11 stemmen tegen 4; 2 leden hebben zich onthouden. Hebben ja gestemdSoetkin Hoessen, Els Rochette, Hilde Sabbe, Lotte Stoops, Guy Vanhengel, Arnaud Verstraete, Khadija Zamouri Hebben neen gestemd: Dominiek Lootens-Stael, Cieltje Van Achter, Mathias Vanden Borre, Gilles Verstraeten Hebben zich onthouden: Bianca Debaets, Pepijn Kennis Het aldus goedgekeurde Reglement van Orde treedt onmiddellijk in werking. REGELING VAN DE WERKZAAMHEDEN De voorzitter: Ik stel voor deze vergadering te schorsen, zodat wij allen kunnen plaatsnemen in het halfrond van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement om het Regeerakkoord 2019-2024 van het College van de Franse Gemeenschapscommissie te aanhoren. Deze vergadering zal na afloop in hetzelfde halfrond worden hervat, waarbij ik speciale machtiging verleen aan de leden van de Franse taalgroep van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement als toehoorder deel te nemen aan onze vergadering. Zolang de vergadering duurt, nemen de toehoorders de bepalingen van artikel 40, 3 van het Reglement van Orde in acht. 15 Bianca Debaets (CD&V): Waar blijft de tekst? Dat lijkt mij een vrij pertinente vraag. Het is de traditie, ik meen mij te herinneren -ik kijk even naar mijn vorige collega’s – dat men altijd het parlement respecteerde, ook binnen dit assemblee en dus de teksten ruim op voorhand overmaakte. Ik wil gerust ’s avonds en ’s nachts werken, geen probleem, maar ik vind dit te belangrijk om dit in een notendop af te handelen, om dat in een drafje te moeten lezen en dat eigenlijk niet ten gronde te kunnen bestuderen. Collegevoorzitter Elke Van den Brandt: Dit is een terechte opmerking. De teksten zijn overgemaakt aan de diensten en zij zijn alles aan het doen om die zo dadelijk over te maken, wanneer we aan het bestuursakkoordde Raad geven en alles te lezen. – De vergadering wordt geschorst om 17.28 uur. – De vergadering wordt hervat om in het halfrond van het BHP. MOTIE VAN ORDE (R.v.O. art. 30) De heer Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang): We hebben altijd de goede gewoonte gehad dat de meerderheid de tekst van het bestuursakkoord onder embargo aan de raadsleden ter beschikking stelde, geruime tijd op voorhand. Ze deed dit omdat de raadsleden meerdere regeringsverklaringen te bespreken hebben. Deze keer is dit niet gebeurd. Zopas werd tijdens de vergadering van de Raad gevraagd dat de tekst zou worden bezorgd. Dit is tot op dit moment nog altijd niet gebeurd. (Samenspraken) Ik heb in elk geval alles eerst vernomen via de media. Ik vind dit totaal ongepast. Ik vraag me op den duur af wat we in dergelijke vergaderingen nog komen doen. We komen nu luisteren naar een tekst die al ter beschikking werd gesteld van de media, die de tekst integraal op hun website hebben geplaatst. De voorzitter: Als u het niet nodig acht, mag u de zaal ook verlaten. De heer Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang): Als u als voorzitter,dit wel normaal vindt dan moet u mij dit zeggen. De voorzitter: Ik vind dit niet normaal.Maar u zegt zelf dat u uw tijd niet wilt verspillen. U heeft gelijk, dit debat werd eerder gevoerd. Ondertussen heeft iedereen de tekst ontvangen via mail. Jammer dat dit zo is verlopen. De raadsleden hebben tijd tot zaterdag om hun tussenkomst voor te bereiden. We zullen proberen dit probleem in de toekomst op te lossen. Mevrouw Cieltje Van Achter (N-VA): Ik wil me aansluiten bij de opmerking. Ik vind het heel betreurenswaardig dat we het bestuursakkoord eerst in de media moeten lezen. Enkele minuten geleden werd er nog naar gevraagd in de plenaire vergadering. Omdat het dan in Bruzz is verschenen, werd het bestuursakkoord nog snel 16 Ik vind dit geen manier van werken. Ik vind dit eigenlijk weinig respectvol ten aanzien van de Raad. De heer Mathias Vanden Borre (N-VA): We hebben net tijdens de plenaire vergadering, in een ijltempo, speciaal een reglementswijziging doorgevoerd. Dit gebeurde zonder een deftige bespreking. De bedoeling van deze reglementswijziging was dat hier de leden van de Cocof, samen met de VGC-raadsleden, naar de toelichting van het bestuursakkoord van de Vlaamse Gemeenschapscommissie konden luisteren. Ik merk echter op dat er toch heel wat lege stoelen zijn. Ik vraag me dus af wat van de nieuwe intenties van de meerderheid in de praktijk zal en. De voorzitter: Ik ben heel blij met het aantal parlementsleden dat hier aanwezig is. Dank u wel. (Applaus) BESTUURSAKKOORD 2014 Bestuursakkoord 20120Brussel is wat we delen’ van de Vlaamse Gemeenschapscommissie -) -Nr. 1 Toelichting Collegevoorzitter Elke Van den Brandt: Het artikel dat net in de pers verscheen, is reeds offline gehaald. Er is een misverstand gebeurd; onze oprechte excuses hiervoor vanuit het College. Ondertussen hebben alle raadsleden de tekst van het bestuursakkoord ontvangen zoals was bedoeld. Het doet me plezier om hier een grote en goedgevulde zaal te hebben. Ik hebnet ook geluisterd naar de toelichting van de beleidsverklaring van de Cocof. Wat me opvalt,is dat er heel wat dwarsverbanden zijn en dat we zeker goed gaan kunnen samenwerken. Constructief en samen met de raadsleden van de Cocof en speciaal met mevrouw Barbara Trachte. Brussel is wat we delen De Vlaamse Gemeenschapscommissie speelt een rol, groot of klein, in het leven van heel wat Brusselaars, groot of klein. Met dit bestuursakkoord versterken we die rol, voor \341lle Brusselaars. Onze stad verandert aan een razend tempo en de uitdagingen zijn niet min. De VGC is als kleine, vernieuwende overheid de eerste bondgenoot van mensen, groepen en middenveldorganisaties die de stad vooruit doen gaan. Samenwerking en participatie komen dan ook in elk hoofdstuk terug als Onderwijs blijft de belangrijkste hefboom van de VGC om Brussel te veranderen. Het is de sleutel tot emancipatie en maakt vrije, bewuste en kritische burgers. Scholen zijn knooppunten van verbinding: voor de buurt en de stad, tussen talen, gemeenschappen en burgers. Het Nederlandstalig onderwijs in Brussel heeft al een sterke reputatie, maar onze ambities reiken met Ook de strijd tegen armoede loopt door het hele bestuursakkoord. Van welzijn, 17 kinderopvang en zorg tot jeugd, cultuur, onderwijs en infrastructuur: overal zien we mogelijkheden om stap voor stap de armoede in onze stad terug te dringen. vrijblijvende keuze van dit College, maar een noodzaak voor een sterker Brussel. We willen dat alle Brusselaars vooruit gaan. In ons beleid gaan we structureel de dialoog aan met de meest kwetsbare mensen in onze samenleving. Zij vormen de vinger aan de pols voor ons beleid. Een beleid voor de meest kwetsbaren is een goed beleid voor iedereen. Net zo noodzakelijk is de omslag naar een leefbare, duurzame stad. We maken van de duurzame ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties toetsstenen voor het beleid. Het is vanzelfsprekend dat de overheid binnen enkele jaren klimaatneutraal is, maar daar houdt het niet op. De duurzame transitie is pas geslaagd als we die samen met alle Brusselaars vormgeven. We stellen het programma voor van een progressief College, vastbesloten om iedereen mee te krijgen van bij de start. Naast alle verschillen die bestaan in onze geweldige stad, is Brussel wat we delen. Dit regeerakkoord stelt vijf rode draden voor de volgende legislatuur. Ten eerste willen we bouwen aan een stad op kindermaat. Een stad waar het goed is om op te groeien als kind, is een krachtige standaard voor alle generaties. Een kindvriendelijk beleid is goed voor iedereen. Brussel kan een stad zijn waar kinderen zich thuis voelen, waar ze leuk en veilig kunnen spelen en op een fijne manier kunnen opgroeien. Dat gaat over veilig verkeer en een kindvriendelijke omgeving, maar ook over toegankelijke zorg, kinderopvang, en onderwijs. De Brusselaar heeft nood aan fysieke plekken om te spelen, sporten en creatief te zijn. Wijken met plaats voor ontmoeting die vlot toegankelijk zijn – ookvoor wie minder mobiel is -zijn ook wijken op maat van de Brusselse ouderen. Ze vormen een hefboom in de strijd tegen eenzaamheid in een vergrijzend Brussel en een belangrijke ondersteuning voor de actieve senior. Daarnaast, de 2de pijler, willen we echt werk maken van een cultuur van betrokkenheid en participatie. Brussel als co-city, een stad die we samen maken, met oog voor nieuwe burgerbewegingen, voor de commons, voor en doelgroepen die momenteel Zo bevorderen we de sociale cohesie en de innovatieve kracht van de stad. Brussel is een diverse en inclusieve stad, dat initiatieven voor burgerinspraak en burgerparticipatie ook hun weg vinden naar nieuwkomers en Brusselaars met een migratieachtergrond, onder andere door sterke samenwerking met het middenveld. Brussel is een expliciet meertalige stad. We gaan complexloos om met de troef die meertaligheid is. Maar we staan ook borg voor de wens en de nood van Nederlandstalige Brusselaars om oprlands bevorderen in een meertalig Brussel. Kennis van het Nederlands, gecombineerd met de kennis van andere talen, zien we als een middel om de Brusselaar te versterken. We kiezen deze legislatuur ook expliciet voor meertalig onderwijs. Met de kennis van het Nederlands vinden Brusselse werkzoekenden makkelijker de weg naar jobs of een opleiding. Hefbomen hiervoor zijn het taalonderwijs en het actualiseren van het Brusselse taalbeleid, met oog voor de historisch gegroeide positie van het Nederlands in Brussel en met respect voor de bestaande taalregimes. 18 We evolueren naar een duurzaam en koolstofarm Brussel, en ook de VGC kan en moet daar een stevige bijdrage aan leveren. We maken het patrimonium energieneutraal, en we werken een duurzaam vervoersplan uit voor de VGC. We richten het aankoopbeleid op het minimaliseren van de milieu-impact van materialen, het stimuleren van lokale economische groei en duurzame tewerkstelling voor kansengroepen. Ook luchtkwaliteit verdient onze bijzondere aandacht. Binnen onze bevoegdheden moedigen we citizen scienceprojecten aan, ondersteunen we burgerinitiatieven en treden we faciliterend op voor het afbakenen van schoolstraten. Burgers, ambtenaren en politiek zijn elkaars partners. Samen bouwen we aan Brussel. Dankzij onze gemotiveerde en competente ambtenaren,kunnen we onze ambitieuze doelstellingen waarmaken. Openheid en dialoog, vertrouwen en autonomie zijn onze uitgangspunten. Op die manier bewaken we een evenwicht tussen inzet op het terrein en visieontwikkeling. Maar natuurlijk staan we ook dichtbij de Brusselaars zelf. Met heldere informatie, goed werkende gemeenschapscentra en bibliotheken, die de voortdurende betrokkenheid van bewoners, ervaringsdeskundigen en de meest uiteenlopende doelgroepen moeten bereiken. Naast deze vijf rode draden willen we met de VGC ook blijven investeren in Brussel, in manieren en plaatsen om Brusselaars te verbinden. Daarom werken we deze legislatuur voor het eerst een strategisch meerjarenplan uit voor alle VGC beleidsdomeinen, gekoppeld aan een investerings- en personeelsplan. Zo willen we de investeringen in infrastructuur voor bijvoorbeeld de gemeenschapscentra, sport, welzijn en onderwijs voortzetten en waar mogelijk ook een versnelling hoger schakelen. Bij aanleg, beheer en renovatie van eigen gebouwen of bij infrastructuursubsidies zetten we actief in op vergroening en verduur-zaming met als doelstelling circulaire gebouwen te gaan. De uitdagingen voor het Nederlandstalig onderwijs en de kinderopvang blijven groot in Brussel. We willen de inhaalbeweging voor kinderopvang versterken en zullen met veel ambitie blijven investeren in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel. De ongelijke sociale achtergrond van de leerlingen mag geen impact hebben op de kwaliteit van de school en de leerresultaten. Om elk kind een gelijke kans te geven, gaan we inzetten op een ruimer begeleidingsaanbod buiten de school om zo schooluitval tegen te gaan. We houden schoolfacturen laag en bepleiten een maximumfactuur. Tegelijk maken we werk van duurzame en gezonde schoolmaaltijden en tussendoortjes voor alle leerlingen. Vanuit het oogpunt van gezinnen is het aanbod voor buitenschoolse opvang, voor- en naschoolse opvang, brede school, vakantie-initiatieven en speelpleinwerking heel versnipperden dat is vooral voelbaar voor de jongste kinderen en de meest kwetsbare gezinnen. We maken werk van een betere afstemming en hanteren daarbij de volgende principes: een voldoende groot aanbod dat kwaliteitsvol, toegankelijk en betaalbaar is en ondersteunenuiteraard de innovatie hierin. Brussel wordt voor een stuk gedefinieerd door haar kunsten. Brusselaars zijn fier op Brusselse kunstenaars. Cultuur is daarom niet louter een aparte rubriek of een extraatje, maar een integraal deel van onze stad. Dat is het vertrekpunt voor ons cultuurbeleid, waarbij prioritair kansen gaan naar Brussels talent. We versterken de integratie van kunst in (semi-)-openbare gebouwen en zoeken actief naar nieuwe, voorlopig ongebruikte plekken voor Brusselaars om hun kunstvormen te ontwikkelen. De VGC neemt het voortouw om te zoeken naar leegstaande panden, braakliggende terreinen, eigen patrimonium of dat van 19 andere overheden, (tijdelijk) als kunstruimtes kunnen icht. Nog te veel Brusselaars vinden hun weg niet in het versnipperde zorg-, welzijns- en gezondheidslandschap. Het College van de VGC wil de komende jaren inzetten op een gedegen welzijnsbeleid dat helder en duidelijk is. Via buurtgerichte zorg willen we de best mogelijke hulp C waakt erover om de zorg niet zomaar op te splitsen in hokjes tussen gezondheid en welzijn of tussen zorg betaald door de ene of de andere overheid. Neen, ze trekt zorgverstrekkers op de eerste lijn mee in de visie van buurtzorg door onderlinge samenwerking vooral te gaan stimuleren. De eerste lijn is in Brussel nog te weinig gekend en onderbenut. We maken de eerste lijn zichtbaar, overzichtelijk en zo toegankelijk mogelijk. Elke Brusselaar -ook de meest kwetsbare – Met deze en nog vele andere acties willen we de komende jaren nog beter doen. Want Brussel is een geweldige stad om in te wonen, op te werken en te leren. We nemen de stad in handen, samen met de Brusselaars. Want \341lle Brusselaars verdienen die geweldige (Applaus) REGELING VAN DE WERKZAAMHEDEN De voorzitter: Gelet op het feit dat het Bestuursakkoord20120nog besprokenen gestemd moet worden, zal de volgende plenaire vergadering plaatsvinden op zaterdag 20 juli 201 Elke gemandateerde spreker krijgt 20 minuten spreektijd10 minuten. (Instemming) – De vergadering wordt gesloten om 18.27 uur. – Volgende vergadering: zaterdag 20 juli 2019 om 9.30 uur. 20 BIJLAGEN Ingekomen stukken – Het voorstel tot wijziging van artikel 40 punt 2 van het Reglement van Orde van de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, ingediend door de heer Arnaud Verstraete, de heer Sven Gatz en mevrouw Els Rochette – Stuk 3 (2019) – Nr. 1 – Bestuursakkoord Vlaamse Gemeenschapscommissie 2019-2024 ‘Brussel is wat we delen’ – Stuk 4 (2019) – Nr.1 21 TREFWOORDENREGISTER Aantal en de commissies, blz. Benoeming van het Bureau, blz. Bestuursakkoord 20192024 Toelichting, blz. De Vlaamse volksvertegenwoordigers verkozen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,blz. Mededelingen,blz. Motie van Orde, blz. Regeling van de werkzaamheden, blz. Samenstelling Raad en het College,blz. Toespraak voorzitter,blz. Voorstel tot wijziging van artikel Bespreking, blz. 12 Stemming, blz. 14